Echte Nederlanders, die houden zich aan de wet

Niet veel elementen worden zo clichématig verbonden aan Nederland als het wisselvallige weer. Met de druilerige Koningsdag in gedachten en de aanhoudende wetenschappelijke debatten over de vermeende culturalisering van burgerschap in het achterhoofd, vraagt Tim Reeskens zich af wat er volgens Nederlanders nodig is om een ‘echte’ Nederlander te zijn.

Het was de stralende blik van prinses Amalia die op Koningsdag de wolken deed verdwijnen. Binnen de sociologie wordt de speech uit 2007 van haar moeder, Koningin Maxima, over de Nederlandse identiteit nog veelvuldig getoond in colleges over politieke en sociale identiteiten. In de discussie aangezwengeld door haar uitspraak ’de Nederlander bestaat niet‘ is ze er fijntjes aan herinnerd dat er wel degelijk elementen zijn die kenmerkend zijn voor Nederland, zoals tolerantie en jezelf kunnen zijn.

Culturalisering van Nederlands burgerschap

Recent hebben Jan Willem Duyvendak, Menno Hurenkamp en Evelien Tonkens geopperd dat er in sociale integratie, en het debat hierover, een ‘culturalisering’ plaatsvindt: er komt steeds meer nadruk te liggen op het belang van normen en waarden, symbolen en tradities om als volwaardig Nederlandse burger beschouwd te worden, terwijl andere invullingen van integratie (zoals de economische) meer naar de achtergrond verschuiven.

Politieke filosofen betogen dat een nationale identiteit die geënt is op gedeelde normen en waarden de sociale samenhang kan versterken, al is empirisch onderzoek op dit thema niet eensluidend in haar conclusies.

Die culturele invulling van burgerschap bevindt zich in een continuüm van enerzijds een zeer uitsluitende of ‘etnische’ vorm van burgerschap, en anderzijds een meer insluitende, voluntaristische of ‘civiele’ vorm. Bij het ‘etnische’ model wordt Duitsland vaak als voorbeeld aangehaald, aangezien burgerschap daar afhankelijk is van een bloedband met het land. Anderzijds is burgerschap in Frankrijk juist voluntaristisch: loyaliteit met de Franse idealen was doorgaans voldoende om de nationaliteit te verwerven.

Europese verschillen en gelijkenissen

In de meest recente editie van de European Values Study, verzameld in 2017, zijn Nederlanders net als in 2008 bevraagd over elementen die volgens hen belangrijk zijn om een ‘echte Nederlander’ te zijn. Hierbij kunnen we het onderscheid maken tussen de burgerschap gebaseerd op cultuur (Nederlands kunnen spreken), etniciteit (het hebben van Nederlandse voorouders), en de civiele vorm (respect voor het Nederlandse politieke systeem en zijn wetgeving).

Wanneer we Nederland contrasteren met andere Europese landen, halen we er even de gegevens van 2008 bij. Hieruit blijkt dat etniciteit in alle landen van ondergeschikt belang is. Slechts een op de twintig Nederlanders is van mening dat het hebben van Nederlandse voorouders erg belangrijk is om als Nederlander aanzien te worden. Maar ook in Duitsland, een land dat in de boeken dus wordt beschreven als voorbeeld voor de ‘etnische’ vorm, is er geen meerderheid die het hebben van Duitse voorouders erg belangrijk vindt.

Wat betreft opvattingen over civiel burgerschap – het belangrijk vinden dat er respect is voor politieke instituties en wetten – zien we dat mensen het wel belangrijk vinden dat je je aan de wetten van het land houdt. Frankrijk, als grootste voorbeeld, spant hierbij de kroon, met circa 80 procent van de respondenten die dit erg belangrijk vindt. Interessant is dat Nederland relatief laag scoort (iets meer dan de helft vindt dat erg belangrijk): Nederlanders vinden het dus niet zo cruciaal om de wetten te volgen om als volwaardig Nederlander aanzien te worden.

Belangrijker om een echte Nederlander te zijn is het spreken van het Nederlands, iets waarin Nederland samen met Duitsland boven de buurlanden uitstijgt. Om een ‘echte’ Nederlander te zijn, verwacht de publieke opinie dat je ook Nederlands spreekt.

Verschuiving door de tijd

In hoeverre is er nu eigenlijk sprake van een toenemende culturalisering van burgerschap? Anders gezegd: valt ondanks het initieel hoge belang van het spreken van het Nederlands er onder Nederlanders een toename in het belang van taal vast te stellen tussen 2008 en 2017? Een vergelijking van twee EVS-golven toont aan dat dit niet het geval is: taal wordt even belangrijk gevonden in 2017 als in 2008. Eveneens blijkt dat er geen stijging valt vast te stellen in het belang van etniciteit. Maar Nederlanders hechten in 2017 wel meer belang aan het respecteren van de Nederlandse politieke instituties en/of wetten Dan in 2008.

Normaal doen!

Dat burgerschap in Nederland niet vrijblijvend is, mag als algemeen bekend worden verondersteld. Echter, de idee dat burgerschap in toenemende mate wordt geculturaliseerd, valt onder het Nederlandse publiek, over een periode van negen jaar, niet waar te nemen. Althans: niet als we het belang dat wordt toegedicht aan het spreken van de Nederlandse taal als indicatie daarvoor wordt genomen.

Een grote kanttekening is wel dat een overgrote meerderheid het gewoonweg evident vindt dat je Nederlands spreekt om Nederlander te kunnen zijn. Door de tijd heen zien we dan wel weer dat Nederlanders meer belang zijn gaan hechten aan het binnen de lijntjes van de wet blijven. De woorden van Mark Rutte – ‘Doe normaal of ga weg’– blijken dus ook onder de Nederlandse bevolking te resoneren.

Tim Reeskens is als Universitair hoofddocent verbonden aan het Departement Sociologie van Tilburg University en wordt als in Amsterdam wonende Belg (zonder harde G) vaak geconfronteerd met de bevindingen uit deze blog. Tevens is hij de Nationaal Coördinator van de European Values Study Nederland.

Op geregelde tijdstippen schrijft hij blogs op basis van de recente data. Deze bijdrage kwam tot stand in samenwerking met Inge Sieben en Loek Halman. De dataverzameling van de European Values Study 2017 Nederland is mede mogelijk gemaakt door een toelage in het kader van ODISSEI door de Nederlandse Organisatie voor Wetenschappelijk Onderzoek (NWO).

 

 

Czaar Peterstraat

Reacties 4

  1. De echte Nederlander bestaat. Die heeft schijt aan regels als het hem uitkomt en er geen of een hele kleine kans is dat hij gepakt wordt. Ik zie het dagelijks om mij heen, het fietspad niet gebruiken als je over de stoep er ook kan komen het scheelt wel 20 seconden. Ingehaald worden op de weg welke snelheid er ook geldt bij 50, 60, 70 of 130 je wordt ingehaald. Afval naast de containers plaatsen, grofvuil illegaal dumpen bij containers of op containers (die dan niet geleegd kunnen worden)terwijl de gemeente het gratis aan huis af komt halen. Zo kan ik nog een waslijst opnoemen. Als beheerder van de openbare ruimte in Den haag is mij duidelijk geworden dat 60% VAN DE NEDERLANDERS DIT GEDRAG VERTOONT (ACHTERBAKSE RANDDEBIELEN), 20% ASOCIAAL IS EN DUS HELEMAAL OVERAL SCHIJT AAN HEEFT OOK AL WORDT HIJ GEPAKT ER VALT TOCH NIETS TE HALEN EN 20% NORMALE MENSEN RONDLOPEN DIE ZICH WEL AAN DE GANGBARE REGELS HOUDEN. Aangezien handhaven dweilen met de kraan open is zal er niets veranderen. Het is een mentaliteitskwestie die je ook terug ziet in het klimaat, de natuur en het dagelijks leven. Alleen als het jou uitkomt doe je het.
    Ik lees net 7 mei 2019:
    Honderden producten onterecht verkocht als biologisch. https://www.rtlnieuws.nl/nieuw....
    Natuur gaat wereldwijd ongekend snel achteruit. https://www.nrc.nl/nieuws/2019...
    D66-europarlementariër In ’t Veld stort hoteldeclaraties terug https://www.ad.nl/politiek/d66...

    Zo gaat het maar door.

    Met een groet,
    Hans Meijers

  2. Nederland heeft inderdaad lak aan waarden en normen. Het bovenstaande kwalitatieve onderzoek is van nul en generlei waarde. Het je houden aan normen en waarden is alleen te beoordelen door kwantitatief onderzoek uit te voeren. Opnieuw stel ik vast dat het merendeel van de onderzoekers hier op Sociale Vraagstukken daar lak aan hebben. Hun groupthink belet dat er Professioneel Kritisch onderzoek, buiten het eigen bubbel denken, plaats vindt. Wie bewust onderzoek naar kwantitatieve gegevens over wetsovertreding negeert, faciliteert fraude.

    Zoals Hans Meiijers laat zien zijn er elke dag legio voorbeelden te vinden.
    Enkele andere:
    * Bij hypotheekaanvraag verzwijgt 15% van starters studieschuld
    https://fd.nl/economie-politie...
    * Het lemma ‘fraude’ op Binnenlands Bestuur telt sinds 2008 300 hits.
    https://www.binnenlandsbestuur...

    Dan hebben we het dus over fraude door het puikje van Nederland. Terwijl sociaal wetenschappelijk onderzoek, zo bleek, zelf ook zeer fraudegevoelig is.

    Overal waar sociale controle tekort schiet nemen wetsovertreding en fraude toe. Het puikje van de Nederlandse samenleving wil helemaal geen sociale controle meer. Het verzet tegen meer toezicht en controle is, met beroep op de privacywet, zeer groot.
    Bedreigingen en beledigingen via internet zijn aan de orde van de dag. Internet kent geen sociale controle. En met sociale controle bedoel ik niet het softwarematig afvinken van teksten. Nee, dan gaat het over het stelselmatig anoniem kunnen ventileren van meningen. Daar is geen tegenspraak tegen gewassen. En juist sociologen zouden op basis van oude studies moeten weten welke functie tegenspraak als gevolg van sociale samenhang heeft voor gedeelde en gedragen normen en waarden.

  3. Nederland miskent de vreugde van de Wet. Dat (goede) wetten en regels (W&R) je vrijheid en leven garanderen, gaat er bij de meeste Nederlanders niet in. Goed, soms worden ze als zijnde onvermijdelijk geaccepteerd, maar de tendens is ze morrend te ontlopen en te saboteren, totdat ze een politie-agent zien opdoemen.

    Dit Nederlandse klein-burgerlijke anarchisme laat zich verklaren uit het feit dat territoriale Wetgeving er nooit in hoog-cultureel aanzien heeft gestaan. Problemen moe(s)t je ‘sociaal’ en technisch oplossen. Onze huidige Wetten zijn Frans. Het zijn de Fransen geweest die wilden dat we ons fatsoen zouden houden, en in het verkeer rechts.

Reageer

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *